Sorry, maar uw browser wordt niet ondersteund door marsh.com.

Voor de beste ervaring, upgrade naar een ondersteunde browser:

X

Risico in Context

De brandweer als bedrijfshulpverlener

GEPUBLICEERD DOOR Hans Sevenstern Donderdag, 21 April 2016

In de afgelopen jaren is de zorg danig op de schop gegaan. Van regeringswege vindt men dat senioren langer op zichzelf moeten wonen en veel meer een beroep moeten doen op familie of vrienden, de zogenaamde mantelzorgers. Hierdoor is het bestaansrecht van bejaardencentra ondermijnd. Vele bejaardencentra of serviceflats, zoals ze genoemd werden, zijn inmiddels van eigenaar veranderd en nu in handen van een woningbouwvereniging/-stichting.

Met de verkoop veranderde gelijk de gebruiksfunctie van deze gebouwen. Van de ene op de andere dag is de gebruiksfunctie ‘zorg’ veranderd in gebruiksfunctie ‘wonen’. Deze verandering van gebruiksfunctie betekent nogal wat voor de bewoners. Eigenlijk een vreemde ontwikkeling, omdat diezelfde bewoners er niet jonger op worden. Nee, sterker nog, zij worden steeds ouder en minder mobiel, terwijl zij langer zelfstandig zullen blijven wonen. Veelal zijn de gebouwen die verkocht worden aan de woningbouwvereniging/-stichting enigszins gedateerd en moeten de nodige updates plaatsvinden. Met de verandering van de gebruiksfunctie, van zorg naar wonen, en de wisseling van gebouweigenaar verandert in het gebouw nogal wat, als we de BIO in ogenschouw nemen.

Woningbouwvereniging

De nieuwe eigenaar gaat duidelijk anders om met het gebouw. Maar, is de woning wel een zelfstandig brandcompartiment? Zijn alle doorvoeren door de brandwerende scheidingen op de juiste wijze afgedicht? Zijn de luchtkanalen van het juiste type brandkleppen voorzien? En, de automatische brandmeldinstallatie is verouderd, krijgt geen service meer en moet vervangen worden. De brandslanghaspels moeten jaarlijks onderhouden worden en met die brandslanghaspels zit je ook nog met legionellatesten, etc. Ik vind het de hoogste tijd voor de woningbouwvereniging/-stichting om het gebouw eens kritisch tegen het licht te houden.

Dan komt het verdienmodel van de woningbouwvereniging/-stichting in beeld en wordt het Bouwbesluit erop nageslagen. De automatische brandmeldinstallatie is niet voorgeschreven in zijn huidige staat in dit woongebouw. Die kan gelijk vervallen en eruit gesloopt worden. Brandslanghaspels zijn niet voorgeschreven bij woningen, ook die kunnen gelijk afgekoppeld en eruit gesloopt worden. En dan zijn we ook gelijk van de periodieke legionellacontrole af. Zonder enige schroom worden zo de besparing gemaakt, maar is de bewonerspopulatie dan ook veranderd? Al deze veranderingen komen niet ten goede van de huidige bewoners.

Vluchten

Gelukkig komt BrandweerNL nu te hulp met ‘Brandveilig Leven’. Er is een actie opgetuigd ‘Ik laat mijn ouders niet stikken’. De senioren worden voorgelicht over het voorkomen van en vluchten bij brand. Ook krijgen de senioren in de woning één of meer rookmelders op batterijen. Zolang senioren nog mobiel zijn en zich zonder rollator, rolstoel of andere elektrisch aangedreven hulpmiddelen, kunnen verplaatsen, is vluchten nog wel een optie. Er is wat dat betreft onvoldoende besef dat er een grote discrepantie is tussen zelfredzaamheid in de zorg en zelfredzaamheid bij brand in de extramurale zorg. Zodra hulpmiddelen gebruikt moeten worden, dan is vaak vluchten géén optie meer.

Wat nog over het hoofd wordt gezien is dat er een groeiende groep psychogeriatrische mensen nog zelfstandig woont en zeker begeleiding nodig heeft om te vluchten. Ook dat vele senioren veelal gehoor- en gezichtsbeperkingen hebben. Als iemand zijn beide gehoortoestellen uit doet en in bed kruipt, zal hij/zij wellicht nooit die rookmelder horen. Er wordt in het geheel dus onvoldoende rekening gehouden met de veranderende mobiliteit, cognitie en oriëntatie van deze groep senioren. Het is een groeiende groep zelfstandig wonende mensen die verminderd en/of niet-zelfredzaam is en hulp nodig hebben bij het ontvluchten van de woning en/of het gebouw.

Scootmobiel

Veel van de gebouwen waar alleen maar deze voornoemde groep woonachtig is, zijn bij de repressieve dienst van de brandweer niet of onvoldoende bekend als een woongebouw met een specifiek risico. De gebouwen staan te boek als woongebouw en onbekend is de aanwezigheid van veel, verminderd en/of zelfs niet-zelfredzame senioren. Meer en meer worden elektrische scootmobielen en rolstoelen opgeladen in de woning of soms zelfs op de gang. Ook beschikken senioren over verouderde televisies, computermonitoren, en dergelijke. Al deze apparatuur hebben empirisch bewezen oorzaken van het ontstaan van brand te zijn. Een brand, ontstaan in bijvoorbeeld een scootmobiel of elektrische rolstoel, leidt tot een brand met een sterke zwarte rookontwikkeling en roetproductie. Redden van de vele bewoners wordt daarmee voor de brandweer een stevige opgave.

Geleerde lessen uit ‘Brandveilig Leven’ acties, zoals de brandweer het zo mooi noemt, worden door veel senioren niet in praktijk gebracht. Enerzijds omdat men niet snapt wat er rondom hun heen gebeurd bij brand, men in paniek raakt of anderzijds is het eenvoudigweg onmogelijk om te vluchten doordat men niet mobiel genoeg is. Hier komt de grote verandering waar de brandweer zich op zal moeten voorbereiden.

Notenhout

De brand in ‘De Notenhout’ maakte de inzet van een tweede brandweercompagnie noodzakelijk om de evacuatie van bewoners tot een goed eind te brengen. In het gebouw werd de brandweer geconfronteerd met grote aantallen verminderd of niet-zelfredzame slachtoffers die gered moesten worden. Er zal in dit soort woongebouwen een veel groter beroep gedaan worden op de brandweer als hulpverlener.

Bij aankomst van de eerste tankautospuit van de brandweer heeft er nog géén ontruiming van het gebouw plaatsgevonden. De ontruiming kan niet door de buren worden ondernomen, omdat de vluchtwegen al vol rook staan. Dan wel omdat men niet in staat is om elkaar bij te staan in de ontruiming door hun eigen beperkingen in mobiliteit of omdat men niet gealarmeerd is. Er zal alles op alles gezet moeten worden om de evacuatie van de bewoners ( of misschien al slachtoffers) in gang te zetten en tot een goed eind te brengen. Veel bewoners zal men aantreffen boven aan de trap in de vluchtweg, omdat men niet zelfstandig de trap kan aflopen of in de (elektrische) rolstoel of scootmobiel boven aan de trap staat. Het vroegtijdig alarmeren van omwonenden of ‘wijk’verpleegkundigen kan niet, omdat de gebouwen géén automatische brandmeldinstallatie hebben. Bovendien is hulp van buitenaf door omwonenden of ‘wijk’verpleegkundigen door de inmiddels aanwezige dikke zwarte rook niet meer mogelijk. Overigens leren resultaten van brandonderzoek dat senioren zelfs niet de alarmknop van de thuiszorg indrukken in geval van brand.

Bellen

Stel dat de bewoner door de rookmelder wordt gealarmeerd en de brandweer direct belt. Dan heeft de brandweer, vanaf de melding door de bewoner, minimaal acht tot tien minuten nodig om op de plaats incident aanwezig te zijn. Er is dan nog geen druppel water op het vuur gegooid. Een snelle eerste interventie op de brand is door het ontbreken van een brandslanghaspel op de gang niet mogelijk. Er zal dus een aanvalsstraal opgebouwd moeten worden naar het brandcompartiment. Bij het opbouwen van de aanvalsstraal zal de brandweer geconfronteerd worden met slachtoffers, die door alle herrie in de straat en in het gebouw wakker worden en in de gang gaan kijken wat er aan de hand is. Daar wordt men direct overmand door de rook en raakt in paniek. De hectiek is voorspelbaar en al een aantal malen door brandweermensen ervaren bij incidenten in den lande.

De brandweer zal zich moeten voorbereiden op het evacueren van veel vooral verminderd zelfredzame en deels niet-zelfredzame mensen. Er zijn veel handjes nodig om deze mensen te evacueren en over te brengen naar een veilige omgeving. Dit vraagt om een andere slagkracht van de brandweer dan waar men in de basis rekening mee heeft gehouden. De brandweer zal bij dit soort woongebouwen nadrukkelijk de rol van bedrijfshulpverlener gaan vervullen, omdat de ontruiming pas in gang wordt gezet als de brandweer is gearriveerd. Door de beperkte mobiliteit, cognitie en oriëntatie van de bewoners zullen de bewoners niet zelf het gebouw veilig kunnen verlaten. Daarnaast zorgt de rookontwikkeling er voor dat men alleen met ademluchtapparatuur op deze mensen kan redden.

Bedrijfshulpverlener

Er mag geen tijd meer verloren gaan en er ligt een belangrijke taak bij de brandweer om al deze woonlocaties in kaart te brengen en de risico’s vast te leggen. Bij brand in dit soort risicovolle objecten zal de slagkracht van de brandweer bij een brandmelding aanzienlijk groter moeten zijn, dan nu standaard het geval is. Wellicht zal de brandweer aanvullende hulpmiddelen nodig hebben, zoals meer vluchtmaskers, evac-chairs en dergelijke voor het geval een redvoertuig niet opgesteld kan worden bij het gebouw. Daarnaast zullen de brandwachten aanvullend getraind moeten worden: hoe mensen in elektrische rolstoelen veilig gered kunnen worden en/of omgaan met psychogeriatrische mensen en ga zo maar door. Het is een groep in de samenleving die bij redding een andere omgang vragen dan de gemiddelde bewoners van woningen. Het is een groep mensen die gered wordt, maar die je in de veilige buitenlucht niet zomaar los kan laten. Je kunt je niet omdraaien en weer naar binnen kan gaan om het volgende slachtoffer te redden.

Brandweer Nederland: bereidt u voor op uw nieuwe taak als bedrijfshulpverlener in dit soort specifieke woongebouwen. Hoe dit zich zal verhouden tot de bezuinigingen die bij de brandweer worden doorgevoerd is nog maar de vraag.

VORIGE BLOG

Transactional risk insurance purchasing surges globally

POSTED BY Karen Beldy Torborg Donderdag, 28 April 2016

VOLGENDE BLOG

Four strategies for managing global political risk in 2016

POSTED BY Evan Freely Donderdag, 21 Januari 2016